| 27/04/10 Opvoeden en Jeugdzorg |
|
Binnen de Jeugdzorg groeit de behoefte aan inzicht; sociaal inzicht. De achterliggende tijd heeft de Inspectie jeugdzorg vernietigend geoordeeld over groepsgerichte methodes binnen de jeugdzorg, zoals Glenn Mills, Sprint en andere. Deze methodes (veelal bewezen effectief overgewaaid uit Amerika) werden beoordeeld als repressief en niet passend bij het hedendaagse beeld van individueel gerichte zorg en opvoeding.
De mens en de opgroeiende jongere moet boven groepsgrenzen uitgroeien en aldus bejegend worden; dat is het onderliggende paradigma. Groepsverbanden zijn vluchtiger geworden en hebben minder betekenis. Daarmee is een behoefte ontstaan, nl. aan bewust sociaal inzicht. Als individu (als bewuste en geëngageerde burger) moeten we een dieper sociaal inzicht ontwikkelen in de individuele mens/jongere.
Binnen de Jeugdzorg lijkt dat inzicht nog niet echt binnengedrongen. Binnen de Jeugdzorg geldt de werkelijkheid van evidenced based methodes en erkende interventies. Abstracte modellen prevaleren boven authentiek menselijk oordeel over gezonde omstandigheden. De autoriteit wordt bij een ander gelegd (de erkenningscommissie, het bewezen model etc.) en niet bij de eigen vakbekwaamheid van de opvoeder/hulpverlener. Daarmee verzwakken de zorgaanbieders de individualiteit van de opvoeders op onrustbarende manier.
Overal klinken heilzame, maar van abstractie druipende, opvattingen, stellingen en methodische kaders. Maar gaat het, juist in de Jeugdzorg, niet veel meer om het concrete inzicht in de directe situatie? De betreffende jongere begrijpen, het vermogen hebben de jongere te nemen zoals hij is en het beste uit hem/haar naar boven halen. Het gaat niet om abstracte kennis van ‘het soort’ jongere, maar om sociaal inzicht in de concrete situatie van die ene jongere.
Opvoeders moeten in staat gesteld worden zelf te oordelen……… |
